1.30 De opluchting van de eenzaamheid

Vrienden.

Ik herhaalde dat woord een aantal keer in mijn hoofd. Vrienden die voor elkaar klaar staan en er voor elkaar zijn. Thuis had ik nog maar weinig echte vrienden. De vrienden die ik had waren verdwenen als sneeuw voor de zon toen alle ellende begon. Maar hoe langer ik erover nadacht, hoe meer ik besefte dat het dan ook nooit echte vrienden waren geweest. Ik wist niet goed of dat een opluchting was of dat dat het gapende gat van de eenzaamheid weer openscheurde. Moest ik blij zijn dat ik in de steek gelaten was door mensen die geen echte vrienden bleken te zijn of moest ik me eenzaam voelen omdat ik die mensen wel een tijd lang beschouwde als vrienden? Mijn gedachten werden verstoord toen ik Bente iets hoorde vragen. Het duurde even voordat het binnenkwam en ik weer terug was in de situatie dus ik vroeg nog een keer wat ze vroeg om mezelf even tijd te geven om te kunnen schakelen.

“Dus… Jij en Lars?”

De vraag trok me meteen weer terug naar de werkelijkheid. Ik voelde dat ik weer rood werd.

“Hij is wel leuk ja.”
“Hij vindt jou ook wel leuk volgens mij.”
“Dat zou mooi zijn.”

We liepen terug naar de bedjes waar Lars ondertussen ook was gaan liggen. Ik was heel benieuwd hoe hij zou reageren om mij weer te zijn. Ik was bang dat het gisteravond gewoon de alcohol was en dat hij er nu anders over zou denken. Toen ik naast hem ging liggen vroeg hij meteen om een kus en dat was bevestiging genoeg voor mij. Ik gaf hem een kus en ik had ondertussen een hele dierentuin in mijn buik zitten. Ik schudde de gedachtes van een paar minuten daarvoor van me af en besloot niet langer meer na te denken over wat ik ervan moest vinden. Ik was nu in dit moment en dat was het belangrijkste. Bente en Lars gingen allebei morgen weer terug naar huis dus ik moest vandaag nog even volop genieten van het feit dat ze er nu nog waren. Ik kon me niet voorstellen hoe het hier zou zijn zonder hen, weer gewoon alleen met mijn ouders en broertjes. Die had ik tot nu toe eigenlijk alleen gezien met het ontbijt en avondeten en verder was ik met Lars en Bente geweest. Gelukkig ging ik zelf ook over drie dagen al weg wat maakte dat ik hier niet heel lang alleen zou zijn. Alleen Emma zou er nog zijn, maar zij had het verpest bij mij dus ik was niet van plan om haar nog te zien wanneer de rest weg zouden zijn.

“Isa! Waar zit je met je gedachten?!”

Ik merkte toen pas dat ik weer in gedachten verzonken voor mij uit zat te staren. Mijn hoofd was te druk maar ik moest mezelf even bij de les houden.

“Ja sorry man, laten we gaan zwemmen.”

En zo doken we met z’n drieën het zwembad in en trokken we elkaar om de beurt onderwater. Elke keer wanneer Lars mij aanraakte voelde ik de tinteling door heel mijn lichaam heen schieten. Ik hield ervan. Ik wilde dat niet missen maar ik wist dat het bijna afgelopen zou zijn. Nog een laatste dag genieten en dan zou ik hier ‘alleen’ achterblijven.

De dag ging veel te snel voorbij. Ik genoot intens van het samen zijn en ik hoopte dat dit mij energie en vertrouwen zou blijven geven komend schooljaar. Ik hoopte dat deze vakantie mijn oplader geweest zou zijn zodat mijn batterij weer even mee kon, dat ik niet meteen weer leeg zou zijn wanneer ik in het ellendige dorp terug zou zijn.

Die avond namen we afscheid en wisselde we nummers uit. Het was een emotioneel afscheid ook al kenden we elkaar pas net. Ik wist dat ik hen onwijs zou gaan missen maar ik was ook heel erg blij dat ik eindelijk weer mensen had leren kennen die mij accepteerde zoals ik was. Zelfs toen ze mijn ‘verhaal’ hoorde. Die vakantie gaf mij weer moed om door te gaan, om door te zetten totdat ik een nieuwe start kon maken in een nieuwe stad. Ik voelde me sterker dan ooit, alsof niemand me meer zo kon raken als voor deze vakantie.

Zou dit het einde zijn van de ergste ellende?

One comment

  1. Ik ben weer helemaal bij en k vind t echt mooi geschreven. Het is ook makkelijk te lezen. En tis sws een boeiend verhaal.

Comments are closed.